Wist u dat: de paddenstoel

Wist u dat het gedeelte wat we als paddenstoel herkennen boven de grond eigenlijk helemaal geen paddenstoel is? Het is slechts de bloem van een groter geheel dat onder de grond zit. Het ondergrondse deel noemen we de zwamvlok of mycelium en kan enorm uitgebreid zijn. Een paddenstoel is één van de grootste levende organismen die er bestaan. In Amerika is een honingzwam gevonden met een doorsnee van minstens 2000 kilometer.

Met de schimmeldraden haalt de schimmel voedingsstoffen uit de grond. Daarvoor werken ze goed samen met bomen zoals de berk, de beuk of de eik. De schimmeldraden groeien om de wortels van de boom heen. Hierdoor kan de boom makkelijker voedingsstoffen uit de grond halen. Daarbij geeft de boom suikers af die de schimmelt opneemt. Ze hebben beide voordeel van deze samenwerking.

Paddenstoelen zoals de vliegenzwam, staan wel eens in een kringetje. De oorzaak daarvan vind je ook weer onder de grond, bij de zwamvlok. Als een zwamvlok groeit, doet hij dat in alle richtingen. Wanneer de voedingsstoffen op zijn in het midden van de zwamvlok, gaat dat deel dood. Hierdoor ontstaat een open ruimte in het midden van de zwamvlok. Pas als de paddenstoelen uitgroeien, kun je de heksenkring zien.

Als paddenstoelen er niet zouden zijn, dan was er geen natuur. Paddenstoelen verteren als een van de weinige wezens dood plantenmateriaal. Als ze er dus niet waren, dan zouden bladeren en dode bomen altijd blijven liggen en niet opgenomen worden in de kringloop van de natuur. Experts houden paddenstoelen uit elkaar door te kijken naar de manier waarop ze eten. Er zijn nu drie groepen paddenstoelen bekend: paddenstoelen die dode planten en bomen eten, paddenstoelen die van levende bomen eten en paddenstoelen die samenwerken met planten. Maar er zijn ook paddenstoelen die niet onder deze drie groepen zijn in te delen. Wat dat betreft is er nog een wereld te ontdekken.

 

Geplaatst in Natuur